Een gezamenlijke zoektocht van beheer en beleid: verbindingen in het landschap die echt werken

Stap 1

De onderzoeksvraag
Beheerders, onderzoekers en beleidsmakers zitten samen aan tafel. Kennislacune voor natuurbeheer geconstateerd? Ze formuleren samen een onderzoeksvraag.

Het Limburgse heuvellandschap. Foto: De Vlinderstichting

OBN Natuurkennis draait op de intensieve tripartite samenwerking tussen beheerders, onderzoekers en beleidsmakers. Die samenwerking gebeurt in deskundigenteams. Beheerders, onderzoekers en beleidsmakers bepalen daar samen welke vragen uit de praktijk door onderzoek moeten worden opgepakt. 

Hoe vergroten we de biodiversiteit van hellingschraalgraslanden? Beheerders en beleidsmakers hebben vaak hetzelfde doel, blijkt uit dit voorbeeld van Michiel Wallis de Vries, onderzoeker bij De Vlinderstichting. “Gebieden met soortenrijke hellingschraallanden zijn er erg versnipperd. Beheerders zoeken er naar manieren om de biodiversiteit te vergroten. Maar voor duurzame populaties van de kenmerkende soorten zijn ze vaak te klein. Ook de provincie vraagt zich af wat verstandig is gezien de opgaven voor het natuurnetwerk: uitbreiden, verbinden of een combinatie van beide?”

Gebieden verbinden is geen kwestie van lijntjes zetten op de kaart

Michiel Wallis de Vries
Vlinderstichting

Geen kwestie van lijntjes zetten

Gebieden verbinden ligt voor de hand, maar dat is geen kwestie van lijntjes zetten op een kaart. “Je wilt uiteindelijk vooral weten of die verbindingen gaan functioneren. Dat begint met de vraag wat kenmerkende soorten planten en dieren ruimtelijk nodig hebben en hoe zij verbindingen gebruiken. Een smalle strook gras aanleggen is niet voldoende, die verbinding moet aan de voorwaarden van de soorten voldoen.”

Stappenplan

OBN Natuurkennis werkte voor deze casus een stappenplan uit. Omdat in het heuvelland op veel plekken kalk aan de oppervlakte komt, liggen robuuste verbindingen – die groot genoeg zijn – met goede condities voor soorten van hellingschraalgrasland binnen bereik.

Ook toepasbaar in andere regio’s

Het resultaat is een methode die ook goed toegepast kan worden op het landschap in andere regio’s van Nederland, aldus Wallis de Vries. Het Limburgs Landschap maakte intussen al werk van nieuw verworven percelen op kalkhellingen. “Je ziet de flora er spectaculair terugkomen, en ook vlinders, zoals veldparelmoervlinder en klaverblauwtje, profiteren. Herstel van verbindingen werkt dus echt!”

Veldparelmoervlinder. Foto: Gertjan van Noord

inhoud